Voordracht F. Van Gehuchten over de bokkenrijders in Geleen en Schinnen

Nadat in de jaren 1720 er plots in de streek het aantal kerkdiefstallen en gewapende roofovervallen in bende sterk toenam, zat de justitie van Overmaas met de handen in het haar van hun pruik.

Een ordinaire dief werd gevat en gemarteld met de vraag of hij er misschien bij betrokken was? Door de pijn begon hij te bekennen. Het eerste massaproces van de bokkenrijders was geboren en eiste al onmiddellijk honderd gerechtsdoden. Na twee jaar werd de vervolging van  hogerhand stilgelegd. De Oostenrijkse Successieoorlog woedde in de streek.

Toen er na enkele jaren twee gewapende roofovervallen gebeurden in de streek van Geleen, sloeg het gerecht weer toe. Dit keer werden invloedrijke dorpsnotabelen als bendeleiders genoemd. De consternatie was groot. De bijgelovige elementen stapelden zich verder in het proces op: een briefje met het woord sator, een lichaamstonsuur op zoek naar het duivelsteken, een kaars in een dode hand meenemen om onzichtbaar te blijven tijdens een rooftocht…

Door een snel stopzetten van justitie bleef de ravage beperkt tot een twintigtal gerechtsdoden. Toen moest het derde proces nog komen: een dodendans van folteren en terechtstellen van meer dan tweehonderd gerechtsslachtoffers…

De lezing vindt plaats in het gebouw van de Heemkunde Vereniging Geleen, Jupiterstraat 35. Dinsdag 23 oktober 20.00 uur. Met pauze. Einde omstreeks 22.00 uur.

De lezing kadert in het thema van de maand van de geschiedenis: ‘opstand’.